Robinia pseudoacacia (Acacia)

(foto: Jeroen Philippona)
Acacia’s in Zutphen aan het Vispoorttplein. Foto: Jeroen Philippona

Robinia pseudoacacia gaat onder tal van Nederiandse namen door het leven: valse acacia, schijnacacia, gewone acacia en witte acacia kom je evenveel tegen. Het was de Fransman Jean Robin die rond 1600 de recentelijk in Europa geïntroduceerde boom Acacia robini doopte, omdat deze zoveel leek op de Acacia’s die in warmere klimaten voorkomen. Tot op de dag van vandaag heeft dit tot verwarring geleid. Ongeveer anderhalve eeuw later wijzigde de grote naamgever Linnaeus de naam definitief in Robinia pseudoacacia.

Verspreiding
Het geslacht Robinia maakt deel uit van de familie der vlinderbloemigen, waartoe ook de goudenregen (Laburnum) behoort. Er zijn twintig verschillende soorten en nog veel meer variëteiten bekend. De natuurlijke verspreiding beperkt zich tot de Appalachen, een gebergte dat zich uitstrekt van Zuid-Pennsylvania tot Noord-Alabama (VS). De eerste Europese boom is in 1601 uit Amerikaans zaad door Jean Robin opgekweekt. Robin was de lijfarts van het Franse koningspaar Henri IV en Maria de Medici en plantte enige zaailingen in de paleistuin van het Louvre. De zoon van Robin plantte later een eigen boom in de Parijse ‘Jardin des Plantes’ Deze boom staat daar nog steeds en verjongt zich via zijn wortelstokken. In de eerste helft van de 17e eeuw is de robinia naar Nederland gebracht. De monumentale boom bij Kasteel Doorwerth is vermoedelijk de eerste schijnacacia in ons land. Omdat de boomsoort daarmee meer dan drie eeuwen in ons land voorkomt, wordt deze door botanici en ecologen tot de inheemse flora gerekend.

Beschrijving
De schijnacacia (Robinia pseudoacacia) is een middelhoge boom met een ijle kroon. De gesteltakken geven de boom een grillig karakter. De jonge takken zijn bezet met korte doorns. De schors heeft uitzonderlijk diepe groeven en uitstekende lijsten; soms lijkt het alsof de schors de boom als een vlechtwerk omvat. De bladeren zijn oneven geveerd en eirond, ze lopen fris groen uit. Kort daarna volgt halverwege juni een uitbundige bloei met welriekende witte vlinderbloemen in trossen van 10-20 cm lengte. Voor bijen zijn de bloemen een waar nectarparadijs. De lange, donkere peulvruchten hebben giftige zaden. Robinia’s komen pas eind mei in blad en zijn daarmee perfecte tuinbomen die pas als het echt nodig is, in de zomer, een zachte schaduw werpen. Een negatief punt is dat de boom zich als onkruid verspreidt. In laan, park of tuin vragen de broze takken om een beschutte plaats.
Naast de gewone soort zijn er tal van mooie cultivars zoals ‘Tortuosa’ met gekronkelde takken, de bekende goudgele ‘Frisia’ en twee kleine bomen met roze bloemen, R. margaretto ‘Casque Rouge’ en R. slovinii ‘Hillieri’. Robinia hispida groeit langzaam, kan tot vijf meter hoog worden en heeft de meest intens roze bloemen. De bolacacia wordt hier met graagte achterwege gelaten.

Multifunctionele toepassing
De schijnacacia is geen ideale stadsboom, omdat de wortelopdruk groot is. De soort wordt ook in de bosbouw toegepast. Vooral in Balkanianden als Hongarije en Roemenië gebeurt dit op grote schaal. Vergeleken met andere houtsoorten levert een robinia veel kernhout en is het te beschouwen als Europees hardhout. In Nederland leveren de oudste robinia bosaanplanten nu na tien jaar duurzaam paalhout en geriefhout. Het is echter de vraag of de opstanden over twintig jaar zaaghout (bijv. planken) kunnen leveren. Van nature groeien de bomen niet rechtstandig, zodat begeleiding van de bomen om rechte stammen te kweken nodig is. Daar is vaak geen geld voor. Ook scheuren takken snel uit, waardoor de boom niet echt geschikt is als productieboom voor zwaar hout. Daarnaast is de schijnacacia uitermate gevoelig voor vernatting. Robiniahout wordt eveneens veel toegepast als duurzaam hout voor tuinmeubels en in de bouw. Het is een zeer milieuvriendelijke keuze in vergelijking met andere hardhoutsoorten of geïmpregneerd hout. Omdat dit hout niet uit de tropen komt zijn de transportafstanden veel kleiner en daarmee wordt de uitstoot van CO2 en andere schadelijke stoffen beperkt.

Monumentale schijnacacia’s in Nederland
- De oudste en de meest bekende schijnacacia in Nederland staat bij Kasteel Doorwerth en is vrij te bezichtigen. De boom is in de eerste helft van 1600 aangeplant en heeft inmiddels een omtrek van 7 meter. Deze reus maakte onderdeel uit van drie bomen die in de tweede wereldoorlog onder vuur kwamen te liggen. Hij overleefde als enige, weliswaar met een compleet weggeschoten kroon die zich daarna goed heeft hersteld. Hierdoor en ook door de hoge leeftijd, heeft de boom een groot aantal behandelingen ondergaan, van ondergrondse groeiplaatsverbetering tot kroonsnoei. Deze boom is geadopteerd door de Bomenstichting.
- Een 6 meter dikke schijnacacia staat in een privé-tuin in Apeldoorn (niet vrij te bezichtigen).
- In het gemeentelijk plantsoen aan de Edeseweg in Lunteren groeit een schijnacacia van 5,5 meter in omtrek, geplant tussen 1700-1750.

Bomennieuws Zomer 2007, door Roelof Jan Koops en Florentine van Eeghen